Hoewel het weerbericht gisteren nog 17 graden en een zonnetje voorspelde voor vandaag is niets minder waar: grijze luchten en stevige buien druilen aan de goede kant van het raam. Het is zo'n dag met genoeg redenen om de verwarming wat hoger te zetten, kaarsjes aan te steken en een cd van Kruder en Dorfmeister te luisteren.
Onlangs schreef ik in een mail aan lieve vriend H.:
- nooit had ze gedacht dat ze het ook zo zou ervaren. wat een onzin, dacht ze, als mensen vertelden dat ze niet konden slapen als hun lief niet naast hen lag -
En 'ze', dat ben ik dus. Ik heb u vast wel eens verteld dat ik, na diverse pogingen, tot de conclusie kwam dat ik geen samenwoonmateriaal ben. Ik heb last van territoriumdrift, diverse neuroses en dwangmatigheden en ik ben bijzonder gesteld op mijn vrijheid.
Samenwonen met bewegende is alsof het nooit anders geweest is. Hij heeft geen moeite met mijn opstartproblemen 's ochtends (misschien omdat de zijne zo mogelijk nog groter zijn), ik gooi fluitend zijn rondslingerende t-shirts in de wasmand. Hij zorgt voor het avondeten en ik vertel hem, als zijn werk hem boven het hoofd dreigt te stijgen, dat het allemaal goed komt. En streel zijn haar.
De tijd gaat hard. Vorig jaar rond deze tijd kochten we Het Huis. Over een dik half jaar wonen we er. We gaan van Mijn Huis naar Ons Huis. Straks, in maart, zijn we drie jaar samen. En we gaan trouwen! (Hoewel dat, mede door de vertraagde oplevering van ons huis, later zal zijn dan we hier nog dachten.)
Wie mij bovenstaande pakweg drie jaar geleden had voorgespiegeld als zijnde mijn toekomst, had ik hartelijk edoch stevig uitgelachen. Het kan verkeren. De verwondering laat niet af.

Hierboven ziet u, bijzonder geschikt voor herfstige tijden, een zonnig kunstwerk. bewegende en ik, getekend en geplakt door nichtje Y. En dat het altijd zo mag zijn.